Minister wil mobielloze scholen in Zweden

Mobieltjes zijn normaal in het onderwijs in Zweden

Mobieltjes zijn normaal op Zweedse scholen. Foto: 123rf

Leerlingen op scholen in Zweden presteren beter als ze hun mobieltje niet gebruiken tijdens de les. Leraren moeten daarom het recht krijgen om de mobiele telefoons vóór de les in te zamelen. Dat vindt de Zweedse minister van onderwijs Jan Björklund. Leraren, leerlingen en oppositiepolitici denken er echter anders over.

Met de verkiezingen in Zweden voor de deur is het de vraag of Björklund zijn plan kan doorzetten. Maar als het aan hem ligt zijn mobielloze klassen belangrijk. Te veel leerlingen kunnen zich volgens de minister niet concentreren omdat ze tijdens de les spelen op hun mobieltjes of actief zijn op sociale media.

Onrust in de klas

In Zweedse bussen en treinen zijn al lang mobielloze zones. Op school kunnen kinderen vaak vrijelijk hun mobieltje gebruiken. Talloos zijn de verhalen van leerlingen die tijdens de les naar muziek luisteren, rondhangen op Facebook, sms-jes sturen of spelletjes spelen.

Björklund heeft er genoeg van. Hij wil de leraren een wettelijk steuntje in de rug geven om mobieltjes in te zamelen. “Het is waar dat je anderen niet stoort als het geluid gedempt is. Maar wie zich met zijn mobiel bezighoudt, kan zich niet op de les concentreren”, meent de minister.

Hij wil het voorstel tot wet maken als de centrumrechtse regering van Reinfeldt na de verkiezingen door mag regeren. Björklund weet zich gesteund door een onderzoek dat wijst op de grote onrust in de Zweedse schoolklassen. Behalve een mobielverbod wil de minister daarom ook beoordelingen invoeren voor gedrag.

Technologie-vijandig

Dat onderzoek is uitgevoerd door de vroegere voorzitter van Lärarnas Riksförbund, een bond met 90.000 leraren en rectoren. Deze organisatie zegt dat sommige scholen al mobielloze lessen hebben. Andere wagen zich er niet aan. De oorzaak zou zijn dat leraren en rectoren het hierover niet altijd eens worden.

De vakbond Lärarförbundet zegt dat leraren al de mogelijkheid hebben om mobieltjes in beslag te nemen als ze storend zijn. Een wetsvoorstel om dit formeel vast te leggen wordt door voorzitter Eva-Lis Sirén in de krant Svenska Dagbladet echter omschreven als “technologie-vijandig”.

Dezelfde term gebruikt de politieke partij Vänsterpartiet. Zweden is wereldwijd een van de koplopers op IT-gebied. Dan is het vreemd als smartphones niet meer de klas in mogen, zo luidt de redenering.

De sociaaldemocraten, favoriet bij de verkiezingen komende zondag, hebben niets tegen het voorstel van de minister maar zien het als “symboolpolitiek”. Volgens woordvoerder Ibrahim Baylan zal het de dalende schoolprestaties en het “verminderen van de gelijkwaardigheid” in de klassen niet afremmen. Daarvoor zijn kleinere klassen, meer speciaal onderwijs en extra geld betere oplossingen, meent hij.

Leerlingen zijn tegen

De organisatie Sveriges Elevkårer vertegenwoordigt 65.000 gymnasiumleerlingen. Hun voorzitter Mattias Hallberg noemt het voorstel van Björklund populistisch. “Er is een probleem met studierust op school. Daar moeten we iets aan doen. Maar leraren het recht geven om eigendommen van leerlingen te confisqueren, is niet de oplossing”, zegt Hallberg aan Svenska Dagbladet.

Hij vindt het voorstel niet van deze tijd. Mobiele telefoons zijn een breed geaccepteerd hulpmiddel in de moderne samenleving. Volgens hem worden mobieltjes door de meeste leerlingen gebruikt om het werk op school te documenteren en te organiseren.

Nederlands onderzoek uit 2011 stelt dat leren met een mobieltje positief is, als de telefoon ook echt voor onderwijs wordt gebruikt. Een recent Amerikaans onderzoek, uitgevoerd door een universiteit in Ohio, wijst er echter op dat studenten die hun mobieltje heel veel gebruiken slechtere resultaten behalen.

Schoolprestaties

Het Zweedse onderwijs is hét hete hangijzer bij de verkiezingen. De prestaties van scholieren in Zweden zijn de laatste twintig jaar fors achteruit gegaan. Was het vroeger een voorbeeldland, tegenwoordig hinkt Zweden achterop in internationale vergelijkingen.

Enkele dagen geleden werd bekend dat 13,1 procent van de leerlingen die de basisschool afronden, niet goed genoeg scoort om toegelaten te worden tot de middelbare school (“gymnasium” in Zweden). In 2006 ging het nog om 10,5 procent.

De achtergrond van kinderen lijkt een grote rol te spelen. Hebben de ouders zelf een lage opleiding, dan haalt niet minder dan 42 procent van de Zweedse kinderen een onvoldoende op het eind van de lagere school. Bij kinderen van ouders die tenminste het Zweedse gymnasium hebben gedaan, gaat het om 15 procent en bij kinderen van academici om maar 5 procent. Meisjes halen betere resultaten dan jongens.

Reacties

reacties